Publication / Algemeen recht

Suggestierecht?!

Suggestierecht?!

13-03-2014

‘Juan Bimba is per onmiddellijk niet meer bevoegd rechtsgeldig op te treden en gelden te ontvangen namens de Firma Lihe i Pagabel. Betalingen aan hem zijn derhalve ongeldig’. ‘Gezocht in verband met een faillissementsaanvraag crediteuren van Maria Malpagado’. Met enige regelmaat kom ik advertenties met soortgelijke ‘mededelingen’ of ‘oproepen’  tegen. Reden genoeg om de gebezigde teksten, doch meer nog de strekking daarvan, langs de juridische meetlat te leggen.

Het spreekt voor zich dat een tekst in een advertentie als die met betrekking tot Juan Bimba, zonder dat dat met zoveel worden gesteld wordt, de suggestie wekt dat er iets in de relatie met zijn werkgever grondig mis is gegaan. De eerste indruk bij het lezen van een dergelijke advertentie is niet dat Juan Bimba na een langdurig dienstverband bij de Firma Lihe i Pagabel met welverdiend pensioen is gegaan gepaard gaande met een heus afscheidsfeestje met lovende woorden en tranen in de ogen van zijn werkgever. Neen, de suggestie dat hij er wel wegens fraude zou zijn uitgetrapt wint het van het beeld van glunderende Juan op zijn afscheidsfeestje. Sterker nog, de voortdurend draaiende geruchtenmachine gaat in versnelling en social media en het vriendennetwerk worden naarstig doorgespit respectievelijk geraadpleegd op zoek naar de achterliggende motieven voor dit - enkel op basis van de advertentie als waar aangenomen - ontslag op staande voet.

Van hetzelfde laken een pak is uiteraard de advertentie waarin crediteuren van Maria Malpagado opgeroepen worden zich te melden. Ook in een dergelijke advertentie ligt de suggestie besloten dat Maria Malpagado minimaal één, doch vermoedelijk meerdere schulden onbetaald laat en haar schuldeisers - die dan ook verzocht wordt zich te melden om de krachten te bundelen voor een (gezamenlijke) faillissementsaanvraag - niettegenstaande onze tropische temperaturen in [de spreekwoordelijke] kou laat staan.

Het opmerkelijke aan de beide advertenties is uiteraard dat het suggestieve element dat daaraan verbonden is zich in uw hoofd en eigen fantasie afspeelt aangezien de ‘mededeling’ noch de ‘oproep’ zelf melding maakt van de hiervoor beschreven suggestieve aannamen.

Evenzeer suggestief is uiteraard het beeld dat gecreëerd wordt wanneer bij een huiszoeking, nadat de media daar melding van heeft gemaakt en de toegesnelde paparazzi aanwezig is bij het huis in kwestie, parmantig en duidelijk zichtbaar - immers zonder enige vorm van verpakking of anderszins bedekking - een geldtelmachine naar binnen wordt gedragen. Ook in handelingen kan namelijk een suggestieve ‘mededeling’ worden ‘verpakt’. Op z’n minst wordt namelijk de suggestie gewekt dat er tijdens de huiszoeking zoveel contant geld is aangetroffen dat met de hand tellen onbegonnen werk is en het een stuk efficiënter is dat met een machine te doen. Ook hier komt de verbeelding die ontstaat door de suggestie tussen uw oren tot stand nu er van een mededeling van voormelde strekking in het geheel geen sprake is.

Dat suggestieve advertenties een beledigend en reputatieschade toebrengend karakter kunnen hebben, blijkt uit het volgende geval. In het Brabants Dagblad en nog een tweetal andere lokale bladen werd begin 2005 een advertentie geplaatst met de volgende tekst: ‘Beloning € 10.000,- voor degene die kan vertellen waar Y, advocate bij kantoor X, is geweest op 4 oktober 2001 tussen 9.00 uur en 12.00 uur. Alle reacties worden strikt vertrouwelijk behandeld’. Gezien de uitzonderlijkheid van de advertentie werd ook door overige media aandacht besteed aan de advertentie. In een kort geding vorderde de advocate in kwestie een rectificatie van de suggestie die gewekt zou zijn met de advertentie als zou zij op enige wijze onjuist hebben gehandeld. Bij uitspraak van 25 februari 2005 oordeelde de Rechtbank Arnhem [ECLI:NL:RBARN:2005:AS8145 en NJF 2005,155] dat van de advertentie ‘de suggestie uitgaat dat Y in de uitoefening van het beroep van advocaat een belangrijke fout heeft gemaakt, als gevolg waarvan de opdrachtgever van [het recherchebureau] in een aanzienlijk belang is getroffen [en] dit maakt dat de publicatie niet bepaald slechts als zakelijk, neutraal en kleurloos kan worden bestempeld. Integendeel, de gekozen bewoordingen en de impliciete suggestie die daarvan uitgaat zijn minst genomen verdacht makend tegenover de advocate en haar kantoor aan te merken en zijn geschikt voor reputatieaantasting. De gevorderde rectificatie werd dan ook toegewezen.

Tsja, geachte lezer, ik durf te wedden dat u na het lezen van dit stuk weer iets anders tegen dit soort advertenties aankijkt en als aanstaande voormalige werkgever of medestanderszoekende schuldeiser even nadenkt alvorens u een soortgelijke advertentie plaatst. Maar dat is uiteraard slechts suggestief bedoeld …………..!

Algemeen recht Publications

Read more publications