Publication / Algemeen recht

Smart mediarecht?!

Smart mediarecht?!

10-07-2012

Social Media, een verzamelnaam voor websites waar lief en leed (desgewenst met de hele wereld of een select gezelschap) gedeeld kan worden, valt niet meer weg te denken in het tweede decennium van de eenentwintigste eeuw. Hetzelfde geldt voor smart phones; u weet wel van die handzame apparaten waarmee je kunt internetten, spelletjes spelen, pingen, BB-en, sms-en en oh ja, je zou het bijna vergeten, kunt bellen. Samengevoegd, al was het maar omdat je via de smart phone ook je social media netwerk kunt onderhouden, duid ik de beide begrippen aan als ‘smartmedia’.

Een artikel in de Wall Street Journal over de invloed van smartmedia trok mijn aandacht. De kop luidde veelzeggend ‘Why hiding money from your spouse has gotten a lot harder’ en beschreef in detail, met op z’n Amerikaans veel statistische gegevens blijkend uit kennelijk veelvuldig en grondig verricht onderzoek, dat het in het huidige internettijdperk voor echtelieden steeds moeilijker is om structureel boedelbestanddelen voor elkaar verborgen te houden. Aan de hand van praktijkgevallen wordt aangetoond dat - al dan niet in het zicht van een aanstaande echtscheiding - huwelijkspartners tracht(t)en vermogensbestanddelen of inkomsten voor elkaar te verbergen. Onderzoek wees uit dat in de Verenigde Staten maar liefst 31 procent van mensen in een relatie toegaf niet geheel open te zijn geweest over geldzaken en ruim tweederde van die mensen gaf aan contant geld te verbergen voor de ander. Aangezien bij het ‘verschuilen’ van het een en ander smartmedia steeds meer een grote rol speelt is dat vrijwel automatisch ook het geval bij het (trachten te) ontdekken van dat verschuilen. Maar liefst 92 procent van de echtscheidingsadvocaten in de Verenigde Staten zegt in de afgelopen drie jaar meer zaken voorbij te hebben zien komen waarin bewijs verkregen via smartmedia een rol speelde. Facebook is overigens, blijkens een soortgelijk bericht in Britse krant The Guardian, bij uitstek de eerste bron die advocaten raadplegen om dergelijke zaken voor te bereiden.

Ook de Nederlandse jurisprudentie geeft blijk van een toename van de invloed van smartmedia in de rechtszaal. Zo wist verzekeraar Aegon via Hyves en Google te achterhalen dat een arbeidsongeschiktheidverzekerde geen kasplantje was, maar in staat was maar liefst vijf keer mee te doen aan de Amstel Gold Race te Curacao en daarnaast de Alpe d’Huez te beklimmen. De aan de verzekerde betaalde verzekeringspenningen werden met succes teruggevorderd [LJN: BV0428].

Een Belgische vader wachtte al maanden op alimentatie voor zijn zoontje. Zijn ex-partner pronkte op Facebook met haar nieuwe laptop en haar reisje naar Rome. De aldus verkregen gegevens werden in de procedure met succes gebruikt om aan te tonen dat de vrouw in kwestie wel degelijk kan en moet betalen.

Een werknemer die, na een eerdere waarschuwing voor soortgelijk gedrag, het bedrijf van zijn werkgever, de Nederlandse huishoudgrutter Blokker, op Facebook als ‘hoerebedrijf spijt dak er ben gaan werken’ en zijn teamleider als ‘[…] een gore achter de ellebogen nijmegseple nep [..]’ omschreef, werd met succes de wacht aangezegd, althans werd zijn arbeidsovereenkomst op verzoek van de werkgever ontbonden zonder een cent aan hem toe te kennen [LJN: BV9483]. Met het argument van de werknemer dat ‘slechts’ zijn vrienden de berichten konden lezen werd door de rechter korte metten gemaakt!

In België is het bekend dat het openbaar ministerie en de fiscus ook met enige regelmaat de verschillende smartmedia afspeuren (‘surfen’ zo u wilt) op zoek naar relevante aanknopingspunten voor of in een lopend onderzoek. Behalve de zelf geplaatste informatie wordt smartmedia door derden ook gebruikt voor het pesten van kinderen, plaatsen van genante foto’s of het ronduit beledigen van personen. Onder omstandigheden kunnen deze handelingen een onrechtmatige daad opleveren tegen de persoon in kwestie.

Smartmediarecht, het ‘nieuwe’ rechtsgebied dat betrekking heeft op de toepassing van smartmedia, lijkt dan ook nog lang niet uitontwikkeld te zijn en wellicht meer dan andere onderdelen van het recht met aan de alsmaar toenemende ‘dataspeed’ gelijkende snelheid in ontwikkeling te zijn. Wordt dus (elektronisch) vervolgd…………..!

Algemeen recht Publications

Read more publications